Zandstad

Hoe Zandstad ten onder ging in het wassende water.

OUDDORP – Niet bulderend en overrompelend, maar langzaam doch standvastig kwam het water. Huizen, schuren, kerken, een synagoge, een politiebureau en tal van andere gebouwen gingen ten onder in de golven. Een stevig kasteel hield het nog het langste uit, maar kon uiteindelijk ook niet op tegen het natuurgeweld. Binnen een uur was Zandstad exit.

Zandstad was een verzameling van acht dorpjes, van zand gebouwd door kinderen van de twee Goereese basisscholen: Buten de Poorte (groep 7/8) en Eben-Haëzer (groep 7). Het bouwen begon dinsdag 19 september in de ochtend. Uit alle mogelijke mallen, waarbij het cakeblik een van de favorieten was, ontstonden huisjes, loodsen en tal van andere bouwwerken en voorzieningen die je in een dorp tegenkomt. Bruggen, speeltuinen, parken en vijvers met hengelaars waren er ook. En de kinderen kleedden de zanddorpjes aan met in de directe omgeving gevonden materialen als gras, schelpen, hout, kastanjes, zeewier en zelfs een dode kwal.

 

Wilhelmus                                                                                                                         Om Zandstad, dat verrees ter hoogte van strandtent Paal 10, was een dijk van zand gemaakt. Immers: bescherming tegen het water is essentieel zo dicht bij de kust. Tot de vroege middag was de zee ver weg, zelfs nog achter een zandplaat vol vogels. Maar na een uur of twee was duidelijk dat ook vandaag de vloed zou komen. Het water kwam steeds verder, verzwolg de zandplaat zonder moeite en stond toen voor de dijk rond Zandstad. Die begaf het, waarna de golven hun verwoestende werk konden doen en de met veel enthousiasme gebouwde dorpjes het stuk voor stuk begaven.                                           Dit vanaf enige afstand door de kinderen voorzien van gejoel en commentaar. “Mag ik in jouw kasteel komen wonen?”                        Zelfs het Wilhelmus werd aangeheven.

Zandstad is een project voor het basisonderwijs uit de koker van KunstPlus, de vereniging van kunstenaars op Goeree-Overflakkee, en Stichting Podium. Het is bedoeld om kinderen de verwoestende werking van wind en water te laten ervaren. Zoals bijna 65 jaar geleden de golven écht huishielden.

Het bouwen van Zandstad – op een fraaie, zonnige dag – kwam na een les decoreren en ontwerpen van kunstenaar Mirian Zimmerman. Zij en andere kunstenaars van KunstPlus waren op het strand aanwezig om de bouwende kinderen te begeleiden. “Het idee achter Zandstad is dat kinderen ervaren hoe snel een dorp onder water kan lopen. Dit is ervaringsonderwijs”, aldus Zimmerman. “Het project bestaat niet alleen uit het bouwen van een dorp, maar ook uit bijvoorbeeld choreografie, het maken van een lied en bezoek aan het Watersnoodmuseum en het Streekmuseum. Er komt veel bij kijken. Er worden opnames gemaakt voor een film die op 26 januari in première gaat bij Ouddorp Duin.”

Nu volgen de twee Goereese basisscholen het project, maar het is de bedoeling om ook andere scholen op Goeree-Overflakkee te interesseren. Overal is wel een strandje in de buurt, dus in de buurt van elk dorp kan een nieuwe Zandstad verrijzen en ten onder gaan.

Allerlei vakken                                                                                                                 Fiënna Diepenhorst, docente van Eben-Haëzer, vindt het project goed passen in wat de school de kinderen wil meegeven. “Op school zijn we vaak theoretisch bezig. Dit is praktisch en past bij het projectgericht onderwijs dat we voorstaan. Bij Zandstad komen allerlei vakken aan bod. Denk aan aardrijkskunde, geschiedenis, handvaardigheid en beeldende vorming, milieu en techniek en bijvoorbeeld op schaal werken. Maar het is ook sociaal: kinderen leren samenwerken en plannen”, aldus juf Diepenhorst, die eraan toevoegt dat haar leerlingen het “super” vinden. “Ze zijn heel enthousiast en fanatiek aan de slag gegaan.”

Haar collega Leo Ruighaver van Buten de Poorte ziet hetzelfde. “Je hoeft ze niet te stimuleren. Sommige leerlingen, die wat moeite hebben met lang achter elkaar stilzitten in de klas, zie je helemaal opbloeien, hier op het strand.” Ook meester Ruighaver vindt dat Zandstad zeer geschikt is omdat het aanknopingspunten biedt bij tal van lessen. “Dit project is bij uitstek geschikt om allerlei vakken aan op te hangen.”

De leerlingen zijn zonder uitzondering enthousiast. Hannah: “ik heb geleerd dat het water snel kan komen en alles kapot kan maken.” Larissa: “Net als in 1953.” Jaïra: “Mijn politiebureau stortte eerst in, maar toen heb ik het steviger gemaakt met nat zand. En wij hebben een bruggetje gemaakt tussen de dorpen van Eben-Haëzer en Buten de Poorte.”

Voor je ogen                                                                                                                Naast de kunstenaars en leerkrachten was ook Piet Vreeswijk in Zandstad aanwezig. Hij is vrijwilliger van het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk en watersnoodambassadeur in Nieuwe-Tonge en Battenoord, waar hij de Ramp als 15-jarige jongen meemaakte. “Het is belangrijk dat je ziet wat er gebeurt als de dijken breken. Je kunt het verhaal vertellen, maar als je het voor je ogen ziet gebeuren, is het toch anders. Het is noodzakelijk dat dit onder de aandacht blijft.”

Vreeswijk vertelde het toen de kinderen nog druk aan het bouwen en decoreren waren. Het water moest toen nog komen. Het kwam, langzaam doch standvastig.

Met dank aan:                                                                                                                  Kees van Rixoort (Tekst en foto’s )